Verhaal aan zee

Vanaf de top van de strandopgang heb ik een prachtig uitzicht over de zee. Het liefst zou ik boven op de duinen gaan lopen met  mijn blote voeten over het zand door het helmgras. Maar de natuur moet zijn gang kunnen gaan en het helmgras mag niet beschadigen, zodat ik mijn verlangens opzij zet. “Verhaal aan zee” verder lezen

Rare vogel

Met snelle passen loopt de oude man over het zandpad.  De capuchon van zijn jas hangt over zijn gebogen hoofd. Hij ziet de nieuwe groene grassprietjes in de wei niet, ook geen ontluikende krokusjes in de berm. Zijn hoofd is rood, zijn mond een streep.  “Rare vogel” verder lezen

Lievevrouwebedstro

Je gaf me lievevrouwebedstro voor mijn tuin
zo’n kranig plantje met een witte kruin.
Ik vond het na de reis terug in mijn tas
waarin ‘t verlept en broos geworden was.

Toch heeft het zich geworteld en verspreid
het overleefde jou en bloeit hier nog altijd.
Je gaf me lievevrouwebedstro voor mijn tuin
zo’n kranig plantje met een witte kruin.

Het doet me denken aan wie jij werkelijk was
zoals het opschiet tussen ‘t lange gras
de tere bloemhoofdjes geheven naar het licht.
Je gaf me lievevrouwebedstro voor mijn tuin
zo’n kranig plantje met een witte kruin.

Duindoorn

Zodra ik de deur open doe ruik ik het. Ik loop langs de Chesterfield waarin hij zijn dagen doorbrengt, schuif de gordijnen opzij en de schuifpui open. ‘Pa, het is muf hier. Je moet vaker een raam open zetten!’. Met een zucht legt hij de krant weg. Dan grinnikt hij. ‘Je lijkt je moeder wel. Zodra het kon moesten de ramen open. Ik ging dan demonstratief met een ijsmuts op aan tafel zitten. Maar dat deed ´r niks! Volgens haar was frisse lucht een eerste levensbehoefte.’ “Duindoorn” verder lezen