Reizen

De lockdowns, het thuiswerken. De wereld wordt steeds kleiner. En de behoefte om de wijde wereld in te reizen steeds groter. Het heerlijkste van reizen is om nieuwe indrukken op te doen, nieuwe geuren, kleuren en geluiden. En nieuwe mensen te ontmoeten. Verhalen te horen en weer nieuwe verhalen te kunnen vertellen.

Nog voor de eerste Teams vergadering, om half 8 ging de bel. ‘Appie’. Dat stond op zijn sweater. Net als bij Ronaldo, maar dan zonder rugnummer. Handig om zo te weten wie het is. De naam vond ik verwarrend. Die van Appie dus. Bij Appie denk ik niet direct aan een boom van een kerel van begin zestig. Meer aan een jochie met een bal. Appie kwam uit Friesland. Ik vond half 8 vrij vroeg. Hij niet. Hij stond rond vier uur op, eerst in alle stilte de hond uit laten, even rustig ontbijten en dan via de zaak naar de eerst klant. Al ruim veertig jaar.

Hij lustte wel een kopje koffie. En bij de koffie kwamen de verhalen. Dat hij het hele land door reisde. Zo kwam je nog eens ergens. Dat hij door zijn baan heel veel verschillende mensen had ontmoet. Zoveel leuke en aardige mensen. Zeker tot en met Amsterdam. Over dat sommige business lui denken dat je als servicemedewerker een kostenpost bent. Terwijl je juíst het visitekaartje van de zaak bent. Over dat sjieke mensen zich niet altijd sjiek gedragen. Over die vrouw die haast schuimbekkend tegen hem te keer was gegaan en dat hij zijn spullen had ingepakt, waarop de vrouw in paniek hem koffie had aangeboden, die hij had geweigerd. Duidelijk zichtbaar had hij in zijn auto voor de deur uit zijn thermoskan een bakkie genomen. En over zijn zoon, zijn evenbeeld, die graag naar de sportschool gaat. Voor me zag ik een Rico-achtig figuur. Vrachtwagenchauffeur. Internationaal. Appies vader was ook internationaal chauffeur geweest. De wagen van zijn zoon was machtig mooi. Alles automatisch. Je kon ermet je handen in de lucht en je voeten op het dashboard mee rijden. Haast vanzelf reed dat bakbeest naar Italië en Roemenië. Prachtige slaapcabine ook. Eigenlijk moest ik achter mijn laptop kruipen.

Eigenlijk moest Appie aan zijn klus beginnen. Maar we namen nog een kopje koffie. Het was tenslotte nog vroeg. Appie vervolgde dat het vrachtwagen leven van zijn zoon zo heel anders was dan bij zijn vader. Die reed dezelfde afstanden zonder slaapcabine, zonder navigatie en met een extra kussentje onder zijn achterste tegen het doorzitten. Op vrijdagavond kwam hij thuis. Met een klein valies met zijn kleren, toiletgerei en scheerspullen. En zijn koffer met kaarten. Die koffer met kaarten was zijn schatkist. Die liet hij niet in zijn vrachtwagen staan. Als zijn vader wat had gegeten en zich had opgefrist pakte hij wat kaarten uit de koffer, spreidde die voorzichtig uit op de keukentafel en volgde met een eeltige vinger het potloodstreepje van zijn route over de kaart. Appie hoorde de verhalen en rook de geur van de reis. Zo kwam je nog eens ergens.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.