IJzig

Ik geef mijn nieuwe collega een hand en lach vriendelijk. 
‘Stefan,’ stelt hij zich voor. ‘Jaren heb ik in Zuid Afrika gewoond, dat hoor je vast aan mijn accent.’
Ik knik naar hem en zeg dat het meevalt. Als ik de werkzaamheden heb uitgelegd voel ik de druk toenemen en benoem dit aan hem. ‘Ik moet zo echt even kolven.’ 
Stefan kijkt mij raar aan. ‘Mag dat tijdens jouw werk, of neem jij pauze?’
‘Nee hoor, dat mag!’ Ik hoor dat ik cynisch en een beetje kribbig klink, maar ik vind dit echt een mannenopmerking. Hij zou die druk eens op zijn borsten moeten voelen.
‘Goh, waar doe jij dat dan?’
Als ik vertel dat er in het gebouw een speciale ruimte voor is, vindt hij dat maar luxe. Ik vind het heel normaal en zeg hem dat ook.
‘Kunnen we eerst nog even iets overleggen?’ Hij lacht schaapachtig naar mij.
‘Als je het niet heel erg vindt, dan ga ik liever eerst kolven.’ Ik pak mijn tas en loop naar de deur.
‘Ik snap dat jij dat liever doet. Dat zou ik ook best willen. Maar hoe lang blijf jij weg? Je kan mij toch niet de hele tijd alleen laten zitten. Het is mijn eerste dag.’ Hij klinkt kregelig en haast een beetje angstig.
‘Ik blijf hooguit een half uurtje weg, dus als er iemand belt of je komt er niet uit, vraag het telefoonnummer en ik bel diegene terug.’ Ik sta al in de deuropening, mijn borsten staan ondertussen op springen.
‘Een half uurtje maar. Oh gelukkig. Maar dat is toch amper de moeite? Dan ben je net begonnen en dan stop je alweer.’ 
‘Ik krijg maximaal twee uur om te kolven per dag en hoe en wanneer ik dat doe maak ik zelf uit!’ Waar bemoeit die man zich mee. Ik besluit niet op zijn antwoord te wachten en ren haast naar de ruimte die voor het kolven is gereserveerd. 
Als ik terugkom kijkt hij mij lachend aan.
‘En, was het lekker? Je bent snel klaar’ 
Ik klapper met mijn oren en weet niet wat ik hoor. Gelukkig likt hij nog net niet zijn lippen erbij af. Wat een viespeuk. Ik kijk hem met een nijdige blik aan en besluit deze man de verdere ochtend te negeren. Echt, wat een vreselijke vent. Als hij blijft, dan moet ik op zoek naar een nieuwe baan, dat is mij duidelijk.
‘In Zuid-Afrika golven ze ook veel. Lekker buiten in de open lucht. Maar daar is het klimaat natuurlijk ook veel zachter om het buiten te doen.’
Ik kijk de man niet aan en werk door.
‘Maar zeg ‘ns. Wat is jouw handicap?’ 
Wazig kijk ik hem aan totdat er een lampje gaat branden bij mij. ‘Heb jij het over golven, met een balletje?’
‘Waarover dacht jij dan dat ik het had?’ Hij kijkt nu ernstig.
‘Borst kolven, babyvoeding.’ We kijken elkaar aan en schieten in de lach. Tranen biggelen over onze wangen. Het ijs is gebroken.


Sprak dit verhaal je aan? Deel het op je Facebook en Twitter!
Abonneer
Laat het weten als er
guest

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties