Jessica

Ben je niet gewoon lesbisch? Hij zegt het met een langzame, trieste stem. Hij weet het ook niet meer. Hij wil gelukkig zijn, samen met haar, domweg gelukkig. Vrijen, haar beminnen, en dat zij hem wil. 

Geen strijd, geen pijn meer, geen geruzie in de nacht. Tegen elkaar aan liggen, ontspannen, alles vergeten, de gordijnen dicht, de wereld buiten.
Het enorme donzen dekbed slokt hun lichamen op, buiten bereik, ieder voor zich. De luxe boxspring kan het verdriet en de eenzaamheid nauwelijks dragen. Daar liggen ze, moe en leeg en onmachtig.
Ze huilt. Zacht huilt ze, bijna zonder geluid, haar gezicht afgewend van het zijne. Voelde ze het maar. De liefde, de lust, het verlangen. Ze voelt niets, ze weet het niet meer, weet niet meer wat ze moet doen, weet geen uitweg meer. Het huilen is haar al bijna teveel, zo uitgeput is ze. 
Een fijn gezin vormen ze. Twee jochies en een vrolijk meisje daartussen. Opgroeiertjes, handenbindertjes, heerlijk. Niet helemaal zonder zorgen natuurlijk, maar waar wél?
Fijn huis ook, een plek om te klussen met de belofte dat het een huis wordt écht van hun gezinnetje. 
Dat is het allemaal niet. Het zou helpen als hij van plannen en praatjes maken vaker in de actiemodus zou schieten. Als er meer tijd was om te ontspannen, te sporten, een boek te lezen, of es een keer uit te slapen. Altijd áán staan heeft onmiskenbaar een prijs. Het zou al verschil maken als ze er wat meer van kon genieten.
Ze kan het niet. Ze ziet het niet meer, dat beseft ze heel goed, en toch kan ze er niet bij.

Ben je niet gewoon lesbisch? Ze zegt het met een stem van opwinding. Alsof ze zojuist een ontdekking heeft gedaan. Ja joh, je valt misschien wel op vrouwen, dát is het. Is dat het? De stilte die volgt, duurt een eeuwigheid, een reis door heel haar leven, van haar kinderjaren af tot aan dit moment. Een reis met bagage, veel bagage. Is ze bij haar eindstationnetje aangekomen? Was dit het? Is dit de ontknoping, de clou, de climax? Is het nú, dat het maar es gezegd moet gaan worden? Dat ze het eindelijk toelaat, toegeeft, toegeeft aan zichzelf? Ze kijken elkaar aan, het onderscheid tussen de lach en de traan is volledig zoek. En zonder woorden weten ze beiden hoe het zit.

Je hebt misschien wel gelijk. Natuurlijk hou ik van hem. Hij is alles wat ik zou willen. Werkelijk, ik heb het echt geprobeerd. Maar ik kan het niet. Wat denk je, waarom zoek ik steeds jóu op, praten wij tot diep in de nacht, is er dat gevoel. Begrijp je me? Al die tijd ben je speciaal voor me, niet zomaar een vriendin. Ik zie je met andere ogen, ik voel je, ik denk over je na als ik thuis in bed lig, je verwart me … 

Ze omhelzen elkaar, even, voor altijd.

Sprak dit verhaal je aan? Deel het op je Facebook en Twitter!
Abonneer
Laat het weten als er
guest

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties