Thanatos

Thanatos

5 december 2019 0 Door Bert Roodhof

Een warm geel licht valt van buiten op mijn toetsenbord, regendruppels schitteren op de geelbruine bladeren die zachtjes dansen in de wind. Het is eindelijk droog, maar in de verte betrekt de lucht alweer. Ik probeer je een mail te schrijven, maar weet niet goed hoe ik moet beginnen.

Ik ken je inmiddels best een tijdje. Het zou daarom gemakkelijk moeten zijn om de juiste woorden te vinden, maar dat is niet zo. Daarvoor is de storm in mijn hoofd waarin boosheid en dankbaarheid elkaar afwisselen, te groot.

Jane nam je mee naar huis, was het januari? Ik weet het niet meer, mijn gevoel voor tijd is weg. Onduidelijk was of je lang zou blijven, maar met die onzekerheid leerden we leven. Met zijn drieën maakten we wandelingen, eerst lange, later steeds korter. We aten samen, genoten van herinneringen, zaten samen aan haar bed. Ik schold je uit, vervloekte je, negeerde je, maar je bleef. Jane kon veel beter met je aanwezigheid omgaan, ze was altijd mijn betere ik. Jullie band werd steviger, zo stevig dat ik me een buitenstaander ging voelen. Het werd steeds moeilijker om te begrijpen wat er in Jane omging. Ze ontglipte me zoals water uit je hand verdwijnt als je te hard knijpt.

Soms hield ik het niet langer uit en vluchtte ik weg. Jane begreep dat, waardoor ik me nog ongelukkiger ging voelen. Ik voelde me schuldig omdat ik wenste dat jullie beide zouden weggaan, terwijl mijn hele persoon tegelijkertijd ‘blijf’ schreeuwde. Ik probeerde jou tevergeefs te verjagen, maar hoe meer ik mijn best deed, hoe vasthoudender jij werd. Je week geen moment meer van haar zijde.

Een maand geleden koos Jane definitief voor jou. Ze zei me dat het geen keuze tegen mij was, maar dat ze niet anders kon. Als een getergde leeuw in een kooi liep ik door ons huis, sloeg mijn vuisten kapot op de muren die geen bescherming had kunnen bieden. Ik duwde mijn neus in haar kleding, bekeek oude fotoalbums en kon alleen maar janken. Ik voelde me nooit zo alleen.

Jane leek op te knappen van haar besluit, had meer aandacht voor mij. Stelde dat het tijd was voor een nieuwe regenjas. Ik kocht een donkerblauwe. De verkoper verzekerde mij dat de jas te dragen was bij een pak, maar ook op het strand bij een spijkerbroek. Het deed me niets, ik wist dat ik nooit meer naast haar over het strand zou wandelen. Thuisgekomen showde ik Jane mijn nieuwste aanwinst. Ze vond hem prachtig. ‘Blijf mooie dingen kopen,’ vroeg ze me. Voor het eerst sinds weken was jij niet in de kamer. Wat fijn dat je ons die tijd nog samen gunde.

Vorige week zijn jullie vertrokken. Hoewel het erg moeilijk was, is het goed zo. Ik denk dat ik dankbaar moet zijn dat je op ons pad bent gekomen. Ik mis Jane ontzettend, maar hoop dat ze gelukkig is. Pas je goed op haar? Mocht je voor haar willen koken, ze kan niet tegen lactose.

Sprak dit verhaal je aan? Deel het op je Facebook en Twitter!