Gelukkigste jeugd


Het was een mooie zomer. De eerste zomer ook dat hij niet met zijn ouders mee op vakantie zou gaan. Dat was zijn eigen keuze geweest. Zijn oudere broers vonden dat een suffe actie van hem. ‘Geniet er nog even van’ hadden ze gezegd. Nou, nee dus, hij bleef thuis. Beetje werken en vooral chillen. Dat lukte vrij aardig. Het was mooi weer dus hij hing veel rond op het strand. Beetje te veel werken, dat was natuurlijk wel vet kut.

Vorig jaar zat hij nog met zijn ouders op de camping in Frankrijk. Zijn moeder was altijd eerder op dan hij. Als hij zijn tent uit rolde, zat zij te lezen en lagen de verse croissantjes en stokbrood klaar. Op vakantie had ze minder te zeuren dan thuis. Eigenlijk was ze best wel chill. De hele vakantie had zijn vader met het pruttelpotje koffie voor hem gezet. Eén keer had hij het zelf geprobeerd, maar het koffiedik was in het wafeltjespatroon van het tenttapijt verdwenen. Zijn vader was pissed geweest. Of misschien ook niet echt. Het was een mooi excuus voor beiden geweest voor een vakantielange koffieverwenactie.

Best chill om alleen thuis te zijn, hield hij zichzelf voor. Eén ding verstoorde zijn rust. Echt een takkenstreek van zijn docent aan de uni. Ook al had iedereen zijn punten behaald, die vent had de cijfers niet ingevoerd. Hij had ze ‘een zomeropdracht’ gegeven. Als je die inleverde schreef hij pas je cijfer in het systeem. Pure fucking chantage.
De opdracht leek simpel: ‘onderschrijf of falsificeer de uitkomst van het onderzoek ‘de Nederlandse jeugd is de gelukkigste van de wereld’. Gebruik hiervoor een steekproef van minimaal 100 Nederlandse jongeren. Een steekproef van 100, wat dacht die vent wel niet.

Die ochtend moest hij vroeg werken. Hij fietste langs de buitenrand van het dorp. Over het weiland hing een vage ochtendnevel. Het rook fris. De koeien stonden rustig te grazen. Het beloofde weer een prachtige zonnige dag te worden. Beetje werken en dan weer lekker naar het strand. Zijn maten lagen vast nog te ronken. Langs hem scheurde een jochie op een mountainbikeje. Hij had een rugzakje op. Uit het rugzakje stak een zaag. Even later zag hij ook een grietje met een gereedschapskoffertje onder haar snelbinders. En een opa met twee kids, ook met zagen en hamers bij zich. Het duurde maar even voordat hij door had waar ze heen gingen. Timmerdorp! Zijn zomeropdracht schoot door zijn hoofd. Hij had nog even tijd en fietste achter het zaag-jongetje aan. Via ‘het geheime paadje’ kwam hij bij Timmerdorp aan. Er stonden meer dan honderd fietsjes. Zonder vaders en moeders die ze op hun vingers keken timmerden die kleine gastjes er lustig op los. Het vuur voor het stokbrood bakken werd al opgestookt door de vele vrijwilligers. Het huttendorp groeide gestaag. Nog één dag en dan ging de fik er in. Het allermooiste grootste vuur!

De Nederlandse jeugd is de gelukkigste van de wereld. Hoeveel bewijs heb je nodig?

Sprak dit verhaal je aan? Deel het op je Facebook en Twitter!
error

Reageer op dit artikel

avatar

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  Subscribe  
Abonneren op