Trots

Is het u ook opgevallen? Als je er op let struikel je er over tot vervelens toe. Iedereen is ‘trots’ op iemand of iets.

Hoe fijn is dat!

Op die geweldige tante, op iemands sportprestaties, op zijn werkstuk of haar briljante presentatie. Op mij! Op, ja euh, op wat niet eigenlijk.

Iedereen is trots op collega of vriend. En de aanhangende prestaties. De trainer van Sjinky Knecht was zelfs trots op hoe die om ging met zijn brandwonden. Tijdens de verplichte toespraken aan het einde van het jaar en de nieuwsjaarborrel wordt het t-woord ook weer veelvuldig uitgesproken door de Baas; trots op de hele organisatie, trots op afdeling en specifiek die en die. Als je er op gaat letten, en dat doe ik inmiddels volop, wordt het echt een affront. Je kan van dat getrots, trotser, trotst jeuk  krijgen op niet nader aan te duiden plekken. 

Helaas is trots zijn dus hetzelfde lot beschoren als een woord als ‘iconisch’. Iconisch project, iconisch gebouw, iconisch enzovoort. Niemand waagt zich daar meer aan.

Jammer, want Trots is best wel een mooi woord. Alleen het is een sleets containerbegrip geworden, een lege huls met alleen betekenis voor diegene die het gebruikt. Anders gezegd, het is een te vaak en te pas en te onpas gebruikt woord. Versleten en uitgehold.

Wat erg!

Gelukkig ben ik ‘opgavegericht’ (met stip het Nieuwe Mooie Woord). Ik lever gewoon een fris, niet uitgewoond woord voor trots. Daar ben ik best trots op, dus eigenlijk gewoon onderdeel van het probleem.

Hét ‘nieuwe trotswoord’ vinden viel nog niet mee. Dat u dat weet. Op synoniemennet een hele trits nare synoniemen voor trots. De foute connotatie zeg maar. Bijvoorbeeld Hoogmoed, Triomfantelijk en, heel mooi vind ik eigenlijk, ‘Zegepralend’ . Maar dat is wel een wat lastig woord. Ik ben zegepralend over mijn zoon. Ook zo winnen en verliezerig, een Trumpiaans aanklevend gevoel geeft dat.

In nood kom ik altijd uit bij de Vlamingen. Die hebben altijd mooie woorden die, vind ik, wij ook moeten gebruiken. Wat dacht u bijvoorbeeld van…’ik heb goesting’ . Onovertroffen. Bijna een iconisch woord zelfs.

Maar even terug naar trots. Ik dacht aan’ Fier’. Wat vindt u? Dat is toch mooi? Ik ben fier op mijn dochter. Ik ben fier op mijn afdeling. Fier op onze standvastigheid richting de Britten.

Prachtig. Niks meer aan doen. Afgesproken dus? Ik zie het graag in uw speeches en stukken terug.  ‘Dan zie ik u graag’! ‘Amaai’; Weer die Vlamingen. U helpt mij zo ook van die nare jeuk af. 

En ach, over een jaar of wat verzinnen we samen wel weer een nieuw tof woord voor het dan afgedane fier.

Reageer op dit artikel

avatar

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  Subscribe  
Abonneren op