De vlucht

De vlucht

2 juni 2018 0 Door Edgar Zonneveldt

Jaap had windtranen in zijn ogen. Hij zag alles voor zich in nevelen. Ook de winst na zijn vlucht.
Als altijd keek hij geconcentreerd voor zich uit, details opnemend, de komende meters vaststellend. Achteromkijken hoefde niet, hij wist daar Leegte.

Het overwinningsgeluid was messscherp, een genot om naar te luisteren, vreugdevol en geladen met een grootse kleurrijke euforie. Een zacht ratelen was het, vermengd met een strelend sissend geluid. Af en toe klonk een klein tikkie maar meestal werd het mechanische ratelen omgeven door een perfecte stilte. Zelfs elfjes, vond Jaap, konden geen mooier geluid produceren. Een zoet geluid dat hij door en door kende. Hij hoorde het alweer een uurtje of vier vandaag. 

Achter hem hoorden ze het geluid ook, alleen dan zonder de alles doordringende vibratie van de overwinnaar. Jaap wist, hoe slepend, traag en plakkerig het achter hem moest klinken.

Hij bewonderde zijn donkere schaduw. De zon stond pal achter hem. Een donker bovenlijf zonder de felle kleuren van de echte versie, niet schokschouderend maar bewegingsloos al het asfalt verorberend. Jaap zag de donkere kant van zichzelf niet. De vereenzelviging had hem bij de strot. 

Jaap was al die jaren een geboren winnaar gebleken. Hij wist niet beter dan dat hij won. Dat was hij gewend en zoals dat gaat, een ander kader had hij niet. De minzame lach van de winnaar naar de nummer twee en drie had hij geperfectioneerd. Eerst ooit geoefend, een lach met een beetje dedain, een sausje gemaakt toegeeflijk, en niet te lang volgehouden zodat hij de verliezers toch nog even een extra trap na kon geven. Heerlijk. Het was hem zo eigen geworden dat het onderdeel was van zijn vaste gedrag, ook buiten de race. 

Het dijkje kronkelde door de groene woestijn. Nog een kilometer of 40 voor de finish. Abrupt werd hij een nieuw geluid gewaar, een zich versnellende flitsende trilling. Horror vloog door zijn lijf. Eén seconde waren er twee schaduwen, toen weer één. 

Het geluid dat Jaap voortbracht was van toon veranderd. Laag in octaven en gelardeerd met vertwijfeling, wanhoop, verschrikking en bovenal loodzwaar. De nieuwe felle kleuren nu vlak voor hem verlieten Jaap meedogenloos, langzaam, gestaag, wreed, meter voor meter.  

Jaap keek niet meer naar voren maar naar zijn pedalen. Als zouden zijn ogen extra watts kunnen afdwingen, de versnelling geven die hij nu zo desperaat nodig had. Hij ging diep. Maar er kwam geen extra power.
Had hij oog gehad voor zijn schaduw dan zou hij hebben gezien dat deze beefde en trilde als een knappende stengel. Had hij maar zoals gewoonlijk geconcentreerd voor zich gekeken.
Hij zag niet dat de kleurrijke, zich verwijderende, nevel voor hem een plotse kleine scherpe beweging maakte alvorens weer rechtdoor te gaan.
De windtranen stroomden alsof een dijk was doorgebroken, de geboren winnaar, alles kwijt, overvallen door een mateloos en onherstelbaar verlies van waarde. De verse koeienvlaai op het asfalt. De impact na zijn korte tollende vlucht. Een allesomvattend verlies. Windtranen.

Sprak dit verhaal je aan? Deel het op je Facebook en Twitter!