Duindoorn

Zodra ik de deur open doe ruik ik het. Ik loop langs de Chesterfield waarin hij zijn dagen doorbrengt, schuif de gordijnen opzij en de schuifpui open. ‘Pa, het is muf hier. Je moet vaker een raam open zetten!’. Met een zucht legt hij de krant weg. Dan grinnikt hij. ‘Je lijkt je moeder wel. Zodra het kon moesten de ramen open. Ik ging dan demonstratief met een ijsmuts op aan tafel zitten. Maar dat deed ´r niks! Volgens haar was frisse lucht een eerste levensbehoefte.’

Het huis aan de duinen. Mijn ouders kochten het zodra mijn zus en ik uitvlogen. De stad met al zijn nukken waren ze meer dan zat. Per toeval belandden ze in Bakkum. Het was een mooie zomerse namiddag, de zon veranderde het helmgras in goud. Onderweg naar huis waren ze even uit de auto gestapt om, zoals ma bezoekers graag vertelde, de geur van het duin op te snuiven. Toen zagen ze het huis aan de duinrand, met zijn achterpui van glas. Vanaf de bank in de woonkamer keek je zo het duin in.

Eerst maakte ze dagelijks lange wandelingen in het duin, om dan terug te komen met rode wangen, stralende ogen en vol verhalen over vlinders, wilde paarden en Schotse Hooglanders. Haar wandelingen werden steeds korter, tot ze nog maar eens per week een rondje om het huis maakte. Toen ze er op de kop af een half jaar woonden overleed ze. Sindsdien zit pa met de gordijnen dicht in de woonkamer. Alsof de aanblik van de duinen hem te veel pijn doet.

‘Kom op pa, we gaan een kroketje halen bij De Klomp.’ Mijn geheime wapen om hem even uit zijn stoel te krijgen blijkt ook na vijf jaar nog effectief. In de auto komen de verhalen. Dat ze aten bij Hotel Borst, en vol verrukking tegen elkaar hadden gezegd ‘Als we hier toch eens woonden!’. Hoe ma genoot van de oude kastanjebomen langs de Van Oldenbarneveldweg. De poort van het dorp, zei ze altijd. Op de terugweg kijkt hij alleen, maar zegt niks meer. Mijn hart breekt als ik hem alleen achterlaat, in zijn schemerige kamer.

Terug in de grote stad laat het beeld me niet los. Met mijn zus praat ik over het huis aan de duinen. Moeten we het verkopen? Als pa bij ons in de buurt woont kunnen we hem vaker meenemen voor een uitstapje. We spreken af dat ik het er voorzichtig met hem over probeer te hebben.

Een beetje gespannen stap ik binnen. In mijn hand een zakje kroketjes, ze zijn nog warm. ‘Hallo pa.’ Geen antwoord. De woonkamer baadt in het licht, de schuifdeur staat open. Even slaat de schrik me om het hart. Hij zal toch niet….? Dan hoor ik gelach van buiten. Pa, met een vrouw. Hij heeft een takje duindoorn vast. ‘Lekker, echt! En vol vitamine C.’ Zachtjes leg ik het zakje kroketten op de eettafel en sluip uit huis. Dat moeilijke gesprek hoeft nog lang niet.

Sprak dit verhaal je aan? Deel het op je Facebook en Twitter!
error

4
Reageer op dit artikel

avatar
2 Comment threads
2 Thread replies
0 Followers
 
Most reacted comment
Hottest comment thread
3 Comment authors
BregjeLoesSonja Recent comment authors

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  Subscribe  
nieuwste oudste meest gestemd
Abonneren op
Loes
Gast
Loes

Prachtig

Bregje
Gast
Bregje

Dank je wel! 🙂

Sonja
Gast
Sonja

Wat een fijn verhaal!
Dankjewel .

Bregje
Gast
Bregje

Dank je wel voor je reactie, daar word ik blij van 🙂