Ode aan de kneuterigheid

Het kerstpakket. Een heerlijk, terugkerend thema in nagenoeg elke organisatie. Iedereen vindt er ook iets van. Ons poldermodel. Want er moet over geklaagd kunnen worden. En dat doen we dan ook. Met liefde.

Een kerstpakket waarover niet geklaagd wordt, is geen kerstpakket. Er zijn wel organisaties waar medewerkers mogen zeggen wat ze willen. Daar wordt dan geld gegeven, of waardebonnen. Of er zijn kerstmarkten waar ze iets mogen uitkiezen. Maar die bedrijven hebben het dus niet helemaal begrepen. Want sinds wanneer luistert het bedrijf naar het personeel? En er dan ineens op het einde van het jaar mee beginnen? Een kerstpakket krijg je in je maag gesplitst, dat is het idee. Dan ga je niet net doen of er iets te kiezen valt.

Hoe het dan wél moet? Allereerst moeten er ragoutbakjes in zitten. Mijn persoonlijke favoriet. Een kerstpakket zonder ragoutbakjes is als het WK voetbal zonder Oranje. Het lijkt een logische gang van zaken, maar als het eenmaal zover is, mis je toch iets. Daarnaast moet er iets in zitten waar je zelf nooit opgekomen was én niks aan hebt, zoals kurken onderzetters of van die verschrikkelijke servetten.

Uiteraard moeten er ook ongezonde dingen in zitten zoals likeurbonbons, tompoezenpakketten en worstenbroodjes. Er zijn wel bedrijven die een tegoedbon voor een middagje in de klimhal geven, maar het luistert nauw. Het is namelijk kerst. Dan proppen we ons vol om het allemaal een beetje draaglijk te houden met de schoonfamilie. Dan wil je geen kerstpakket dat een uitgesteld genietmoment kent.

Drank. Er moet ook drank in, én veel dingen waar je een droge mond van krijgt zoals soepstengels, crackers en kaaskoekjes als excuus om het met flessen tegelijk naar binnen te gieten. Ook een klungelige brief van de baas mag niet ontbreken, met teksten als: ‘Het was niet gelukt met jullie inzet’ en ‘volgend jaar wordt het nog veel erger’.

Dan, het moment dat die muur van dozen die bij de receptie staat. Om daarna de brave huisvaders te kunnen aanschouwen die geheel in de olie van de kerstborrel met zo’n doos op de fiets naar huis moeten klungelen of in dat vierzitje in de trein. En maar glunderen naar de andere passagiers: wie heeft de grootste.

Ik wil hierbij graag het jaarlijkse kerstpakket voordragen om te worden aangemerkt als cultureel erfgoed. Net als het jaarlijkse bezoek van Sinterklaas aan de werkvloer, voor alle medewerkerskinderen. Een ode aan de kneuterigheid.

Sprak dit verhaal je aan? Deel het op je Facebook en Twitter!
error

Reageer op dit artikel

avatar

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  Subscribe  
Abonneren op